Ben ik wie ik wil zijn? Nr. 1.

Leer schakelen tussen verschillende perspectieven zonder jezelf kwijt te raken.

In je werk met cliënten kom je het vaak tegen: mensen die zoeken naar wie ze zijn, en daarin vastlopen. Aan de buitenkant lijkt alles te functioneren. Ze doen wat er van hen gevraagd wordt, nemen hun verantwoordelijkheid, houden relaties gaande. Maar ergens wringt het. Iets klopt niet.

Wanneer je samen vertraagt en verder kijkt, wordt die spanning voelbaar. Cliënten beschrijven hoe ze twijfelen aan zichzelf, zich aanpassen in contact of reageren op manieren die achteraf niet passen bij wie ze willen zijn. Het is alsof ze zichzelf onderweg een beetje kwijtraken.

Als je daar dieper op ingaat, ontstaat er vaak verwarring. Wie ben ik eigenlijk? En wie wil ik zijn? Maar daar blijft het niet bij. Tegelijk speelt ook de vraag: hoe ziet de ander mij? En wat moet ik doen om gezien, gewaardeerd of erkend te worden?

Langzaam wordt zichtbaar dat deze verschillende lijnen door elkaar heen zijn gaan lopen. Het beeld dat iemand van zichzelf heeft, het verlangen naar wie hij of zij wil zijn en de aannames over hoe de ander kijkt — ze raken met elkaar verstrengeld. Wat iemand voelt, denkt en doet, wordt daardoor minder helder. Keuzes worden onzekerder, reacties minder vrij.

Veel cliënten raken zichzelf precies op dit punt kwijt. Niet omdat ze geen inzicht hebben, maar omdat hun innerlijke posities niet goed van elkaar te onderscheiden zijn. Ze bewegen voortdurend tussen verschillende perspectieven, zonder dat ze zich daar echt bewust van zijn.

Het Fenomenologisch Dialectisch Persoonsmodel van Leni Verhofstadt maakt deze dynamiek zichtbaar. Het laat zien hoe mensen zich verhouden tot zichzelf, tot hun verlangens en tot de ander — en hoe die posities elkaar beïnvloeden.

Zodra deze posities uit elkaar gehaald worden, ontstaat er iets merkbaars. Er komt helderheid. Er ontstaat onderscheid tussen wat iemand werkelijk ervaart en wat gebaseerd is op aannames of verwachtingen.

Van daaruit ontstaat ruimte. Ruimte om opnieuw te voelen wat klopt. Ruimte om bewuster te kiezen. En ruimte om stap voor stap dichter te komen bij wie iemand werkelijk wil zijn — ook in contact met de ander.

Het model helpt om helder te maken hoe mensen zichzelf, de ander en hun onderlinge beelden ervaren, en waar deze posities elkaar beïnvloeden of vervormen. Daardoor wordt zichtbaar hoe misverstanden, innerlijke spanning en gedragspatronen ontstaan, en ontstaat er meer ruimte voor bewustwording, keuze en verandering. Hierdoor is dit model is breed toepasbaar in bijvoorbeeld psychotherapie, coaching, team- en organisatieontwikkeling, leiderschapsontwikkeling, onderwijs, relatietherapie, supervisie en trainingscontexten.