Ben ik wie ik wil zijn? – Deel 2.

Jezelf leren kennen via spel, projectie en verbeelding.

Wie we zijn, laat zich niet alleen begrijpen via nadenken, analyseren of verklaren. Soms leren we onszelf juist kennen op momenten waarop we spelen, creëren, improviseren of iets onverwachts projecteren op de wereld om ons heen.

Veel mensen herkennen een moment waarop er iets begint te schuren. Aan de buitenkant lijkt het leven misschien op orde, maar vanbinnen ontstaat een andere vraag: Leef ik nog vanuit wie ik werkelijk ben, of vooral vanuit wat nodig is geworden?

De vraag “Ben ik wie ik wil zijn?” gaat zelden over succes of perfectie. Vaker gaat het over echtheid. Over het gevoel dat er delen van jezelf op de achtergrond zijn geraakt in alle rollen die je vervult: de verantwoordelijke, de sterke, de helper, de aanpasser.

Juist daarom helpt alleen nadenken vaak niet genoeg. Sommige inzichten ontstaan pas wanneer er ruimte komt voor spel, verbeelding en spontaniteit. In een beeld, een object of een onverwachte associatie kan ineens iets zichtbaar worden wat moeilijk rechtstreeks onder woorden te brengen is.

Niet omdat een techniek de waarheid vertelt, maar omdat mensen via spel vaak eerlijker reageren dan via analyse alleen. Een deel van ons weet dingen voordat we ze kunnen uitleggen.

Dat maakt speels en creatief werken zo waardevol in persoonlijke ontwikkeling. Het haalt ons even weg uit controle, verwachting en automatische patronen. Daardoor ontstaat beweging. Mensen ontdekken opnieuw verlangens, kwaliteiten of gevoelens die lang op de achtergrond zijn gebleven.

Misschien gaat persoonlijke ontwikkeling uiteindelijk minder over iemand anders worden, en meer over dichter komen bij wie je al bent.

De vraag is dan niet alleen: Wie ben ik nu?
Maar ook: Wat in mij wil meer ruimte krijgen?